Welkom Wat is brand? Blusprincipe Blustoestellen Preventie Weet te handelen Contact naar beginpagina emeester.net  
  Geboden & verboden Behandeling brandwonden Blussen van personen

Weet te handelen
Behandeling brandwonden


Brandwonden ontstaan niet alleen bij brand, 70% van alle verbrandingen die thuis plaatsvinden zijn veroorzaakt door hete vloeistoffen (koffie, thee). Brandwonden zijn zeer pijnlijk en genezen moeizaam. Snel handelen is noodzakelijk.

    De ernst van de verbranding is namelijk afhankelijk van:
  • uitgebreidheid (huid oppervlakte)
  • diepte van de verbranding (verbrandingsgraad)
  • plaats van de verbranding op het lichaam
  • leeftijd van het slachtoffer
Brandwond; Eerst water, de rest komt later!

Verschillende ernstgraden bij brandwonden

Verbrandingen ontstaan door invloed van hitte op de huid gedurende een bepaalde tijd en boven een bepaalde kritische temperatuur. Boven deze kritische temperatuur (± 40° C) treedt beschadiging van de huid op.

    De diepte van de brandwond hangt af van:
  • temperatuur waaraan de huid is blootgesteld
  • de tijd dat de hitte inwerkt op de huid
  • de oorzaak van de verbranding (bijvoorbeeld: hete vloeistof, vuur, enz.)

Afhankelijk van de diepte van de brandwond, spreken we van een: eerste-, tweede- of deerdegraads verbranding. Bij een tweedegraads verbranding wordt nog onderscheid gemaakt tussen oppervlakkige of diepe verbrandingen.


schade aan de huid bij eerste graads verbranding

Eerstegraads verbranding

Bij een eerstegraads verbranding is de (opper)huid nog niet beschadigd. De huid bij een eerstegraads verbranding is:

  • rood
  • droog
  • pijnlijk
  • Deze verschijnselen zijn het best te vergelijken met die van een ontsteking.

    eerstegraads brandwond
     
    schade aan de huid bij een oppervlakkige tweedegraads verbranding

    Tweedegraads verbranding oppervlakkig

    Bij een oppervlakkige tweedegraads brandwond is de huid beschadigd. De wond is:

  • rood
  • nat
  • pijnlijk
  • Bovendien kan er blaarvorming optreden.

    oppervlakkige tweedegraads brandwond
     
    schade aan de huid bij een diepe tweedegraads verbranding

    Tweedegraads verbranding diep

    Bij een diepe tweedegraads brandwond is de lederhuid duidelijk aangetast. De hitte heeft langer kunnen doordringen in het huidweefsel. Hier is er duidelijk sprake van een wond. De wond is:

  • Roodachtig wit
  • nat
  • zeer pijnlijk
  • diepe tweedegraads brandwond
     
    schade aan de huid bij een derdegraads verbranding

    Derdegraads verbranding

    Bij derdegraads brandwonden is de huid verwoest tot aan het onderhuids vetweefsel. De huid ziet er aangetast uit. De wond is:

  • wit / zwart
  • droog en leerachtig
  • nauwelijks pijnlijk (door aantasting zenuwen in de huid)
  • derdegraads brandwond

    Eerste hulp bij brandwonden
  • Koelen
  • Kleding
    • loszittende kleding tijdens koelen verwijderen
    • vastzittende kleding aan de verbrande plek laten voor wat het is
  • Nooit iets op de wond smeren
  • Wond afdekken
  • Deskundige hulp inroepen
  • Slachtoffer niet laten eten of drinken
  • Slachtoffer zittend vervoeren
  • Toelichting op eerste hulp

    Koelen. Verbrandingen ontstaan door invloed van hitte op de huid gedurende een bepaalde tijd en boven een bepaalde kritische temperatuur. Echter de verbranding werkt door. Het is zaak om de temperatuur van de huid te laten dalen.

    Gebruik voor het koelen water, het liefst lauw stromend water uit de kraan. Dit water is schoon, bevat nauwelijks ziekte kiemen, waardoor de kans op een infectie aanzienlijk wordt verkleind. Lauw water voorkomt de kans op onderkoeling.

    Koelen is van essentieel belang, bij gebrek aan schoonwater moet desnoods slootwater worden gebruikt. Iets is beter dan niets. Zorg dat de straal water op de gezonde huid valt, zodat het water zacht over de verbrande plek vloeit. Dit is stukken aangenamer voor het slachtoffer.

    Koelen dient minstens 10 minuten te worden volgehouden, bij verbandingen door bijtende stoffen moet men minstens 30 minuten koelen. Als na het stoppen met koelen de pijn terug keert, ga dan weer door met koelen.

    Kleding. Tijdens het koelen kan men de kleding verwijderen. Zo heeft men goed zicht op de omvang van de verbranding. Verwijder alleen de loszittende kleding. Vastzittende kleding op de wond laat men zitten, dit zou het letsel kunnen verergeren (open trekken van de wond). Zorg wel dat de vastzittende kleding wordt nat gehouden.

    Denk eraan dat zich bij baby’s in geval van heetwater verbranding, de luier veel hete vloeistoffen kan verzamelen. Verwijder de luier daarom zo snel mogelijk.

    Nooit iets op de wond smeren. Zalf of soortgelijke producten zijn vettig. De vettige laag over de wond heeft een isolerende werking. Zo wordt het opwarmen van de verbranding in de hand gewerkt, en alle inspanningen van het koelen te niet gedaan. Ook het steriel houden van de wond loopt gevaar door er iets op te smeren.

    Wond afdekken. Bij tweede- en derdegraads brandwonden is de huid beschadigd, er is een wond. Om de wond schoon te houden dekt men de wond af. Bijvoorkeur wordt hier metallineverband gebruikt. Steriel verband, schone doeken of lakens volstaan ook.

    Dek de wond losjes af, strak afdekken is pijnlijk voor het slachtoffer, en vergroot het risico van vastplakken aan de wond. Ook blaren worden afgedekt. Maak nooit blaren open!

    Deskundige hulp inroepen. Bepaal of het slachtoffer definitieve deskundige hulp behoeft. Een slachtoffer moet te alle tijden door een arts worden behandeld:

    • als er sprake is van een tweede- of derdegraads verbranding (dus alles wat er erger uitziet dan enkel roodheid);
    • bij brandwonden aan het gelaat, handen, voeten, geslachtsorganen en in de omgeving van gewrichten;
    • als er sprake is van een risico op ademhalingsmoeilijkheden, door inademen van rook en/of hete gassen:
    • verbrandingen door elektriciteit en/of bijtende stoffen.

    Kortom; enkel eerstegraads verbrandingen en minimale blaren (lees kleiner als een 2 eurocent muntstuk) kunnen door een EHBO’er behandeld worden.

    Slachtoffer niet laten eten of drinken. Bij tweede- en derdegraads verbrandingen bestaat het gevaar van shock, dit gevaar kan zelfs twee dagen na de verbranding nog steeds spelen.

    Slachtoffer zittend vervoeren. Het hoofd moet altijd hoger zijn dan de rest van het lichaam in verband met mogelijke oedeemvorming (vochtophoping buiten de lichaamscellen). Oedeemvorming veroorzaakt zwellingen in het lichaam. Door het slachtoffer zittend te vervoeren zakt het vocht naar de benen, ver weg van de vitale organen; longen, hart en hersenen.


    naar boven